Zijn broer had net een hartaanval gehad, en hij wilde van mij weten hoe groot de kans was dat hem hetzelfde zou overkomen. Hij had een hoge functie bij een bank en rookte een pakje per dag. Voorzichtig had ik gevraagd of hij ervoor openstond om te stoppen met roken. Nerveus tikte hij op zijn been. De feestdagen, volgepland met kerstdiners en nieuwjaarsborrels, stonden voor de deur. Een overvloed aan alcohol en sigaretten leek hem onvermijdelijk.
“Welke sigaret zou u het meest missen?”
Hij hoefde niet lang na te denken.
“Die na het eten.”
De sigaret na de maaltijd is onder veel rokers favoriet, en daarmee een van de moeilijkste momenten om mee te stoppen. Andere favoriete rookmomenten zijn de ochtend, tijdens werkpauzes en op feestjes. Opvallend aan deze momenten is dat ze één ding gemeen hebben: het brein heeft het roken gekoppeld aan ankers gedurende de dag of op bepaalde gelegenheden. Slechte gewoontes, net als goede gewoontes, kennen vaste momenten.
Deze moeilijke momenten bieden ook kansen. Juist omdat ze zo voorspelbaar zijn, kun je je erop voorbereiden. Maar hoe goed je je hier ook op voorbereidt, makkelijk is het zelden. Hoe komt dat eigenlijk, dat het zo moeilijk is om ergens mee te stoppen waarvan je weet dat het ontzettend slecht voor je gezondheid is?
Het korte antwoord daarop is: omdat roken op allerlei manieren verweven kan raken met wie je bent. Je lichaam raakt verslaafd aan de nicotine, je geest raakt gehecht aan waar een sigaret voor staat. Je maatje, je steun en toeverlaat in rust- en stressmomenten, overgangsmomenten en sociale momenten. Zeg maar eens nee tegen een sigaret als iedereen om je heen er een opsteekt en je aanbiedt, zeker in combinatie met alcohol. Dat klinkt als een onbegonnen klus, stoppen met roken. En toch lukt het elk jaar vele mensen om het roken definitief achter zich te laten. Wat is hun geheim?
Bovenal is het een kwestie van blijven proberen. Dat klinkt eenvoudiger dan het is. Verreweg de meeste rokers hebben meerdere pogingen nodig voordat het hen lukt om voorgoed te stoppen. Het hoort er kennelijk bij. Baal als een tijger, leer van waar het misging, en ga je volgende poging plannen. Daar zijn allerlei hulpmiddelen en handvatten voor, bijvoorbeeld op ikstopnu.nl. Probeer het opnieuw, en opnieuw, net zo lang tot het lukt. Wie toch weer begint, is bepaald niet de enige. Maar als stoppen zo vaak meerdere pogingen kost, lukt het ons met z’n allen dan wel?
De afgelopen 20 jaar heeft roken een steeds kleinere plek gekregen in de samenleving. Rookverboden, rookvrije plekken en de stijgende prijs van tabak hebben het roken ontmoedigd. En de cijfers dalen al jaren. Waar in 2014 nog zo’n één op vier van de volwassen Nederlanders rookte, was dat in 2025 gedaald tot minder dan één op vijf.
Elk jaar onderneemt ongeveer een derde van de rokers in Nederland een serieuze stoppoging. Dat zijn ongeveer een miljoen mensen. En hoewel negen van de tien gestopte rokers een jaar later weer zijn begonnen, blijft het aantal mensen dat rookt over de jaren dalen. Zo dragen al die stoppogingen bij aan steeds minder rokers, en daarmee aan minder ziekte en sterfte als gevolg van roken.
“Wat zou u kunnen doen om die sigaret na het eten te vervangen?”
Ook daar hoefde hij niet lang over na te denken.
“Even een blokje om vind ik heerlijk, de frisse buitenlucht in. Maar ik ben vaak te druk.”
“U had die sigaret na het eten anders ook niet overgeslagen omdat u te druk was.”
“Goed punt, dokter. Ik ga het proberen.”

